Elin haar 10e Sinterklaas intocht
Marie-José
28 november 2019

Elin haar 10e Sinterklaas intocht

“Sinnekjaaaaassss” roept Elin, als ik ‘s ochtends haar gordijnen opentrek. Waar ik haar normaal gesproken al slapend aankleed (voor mij beter in verband met de spierspanning), is ze nu zo opgewonden dat ik behoorlijk wat oude judo- trucjes tevoorschijn moet halen om haar enigszins fatsoenlijk aan te kunnen kleden.

Vandaag gaan we naar de kade in IJmuiden, waar ‘ons’ plekje voor ons is gereserveerd. De afgelopen jaren mochten we aan de andere kant van het hek staan; met een rolstoel achter een dranghek is geen goede combinatie. Als we aan komen lopen zien we hier en daar al wat Pieten lopen, en Elin is zo intens gelukkig. Ze straalt aan alle kanten en kan niet wachten om de Sint te zien. De burgemeester loopt toevallig gelijk met ons naar beneden en vertelt dat hij er weer zin in heeft, en z’n speech klaar is. Vriendje Ton (uit Elin haar klas) is er ook met zijn broertje en moeder dus het feest is compleet als zij bij ons komen wachten.

Altijd tijd voor Elin
Zodra de stoomboot in zicht is, springt Elin bijna uit haar rolstoel. Sint zwaait al naar haar vanaf het water. Vaste prik als hij aan wal is: al-tijd heeft Sint tijd voor een praatje en foto met Elin, het maakt niet uit hoe druk het is of wie er op hem staat te wachten. De Hoofdpiet en Sint noemen haar al jaren ‘Eline’, maar ik durf de goedheiligman natuurlijk niet te verbeteren. Na alle festiviteiten op het podium trekt Sint met zijn Pieten in een optocht door de straten. Meestal gaan we nu naar huis, maar Elin houdt het goed vol. We lopen een stukje terug en settelen ons op een vluchtheuvel waar een meneer staat met zijn zoon. Zijn zoon heeft het syndroom van Down.

55 jaar naar de intocht 
Terwijl ik sta te wachten op de optocht, tel ik in mijn hoofd hoeveel jaren we hier al op de Sint hebben staan wachten. Het tiende denk ik? Misschien dat we hier en daar door een virus, ziekenhuisopname of bacteriële infectie een keer hebben overgeslagen. Maar de meeste kindjes die nu op de kade staan, waren nog niet geboren toen wij er al stonden. “U staat hier ook al heel wat jaren, hè meneer?”, vraag ik aan de vader naast mij. Hij moet lachen om mijn vraag en heeft er klaarblijkelijk niet over nagedacht. Als ‘ouder van’ leer je om niet meer overal over na te denken en meer in het hier en nu te leven. “Nou meissie, een jaar of 40 denk ik inmiddels. Ik wisselde af met mijn zwager, maar die is helaas overleden twee jaar terug”. De zoon roept: “Maar pap, ik ben al 59!” Ik sta een beetje perplex, en kijk de man aan. “Wow zeg ik, wat zie jij er goed uit!”. En terwijl ik me naar zijn vader draai: “Maar dan staat u hier wel 55 jaar inmiddels!”, antwoord ik lachend. “Nou inderdaad! Dus ben ik blij als ik straks weer thuis op de bank zit!”

Het ultieme uitje
Wow, 55 jaar bij Sinterklaas kijken. Ik antwoord de meneer dat ik maar hoop dat ik dat mee mag maken, met onze Elin in goede gezondheid, zowel zij als ik. Mijn vriendin is vorig jaar haar zoontje verloren, en deze meneer moet haast wel rond de 80 zijn, en hij staat hier gewoon nog op de vluchtheuvel naar Sint te kijken. Tuurlijk heb je er wel eens geen zin in. En voel je je misschien een beetje gek met je ‘grote’ kind. Maar dit is haar ultieme uitje. Dus ik geniet. En slik een traan weg. Sinterklaas rijdt voorbij, in een koets met paarden. “Hey Eline! En Tonny-boy!” roept de Hoofdpiet vanaf de koets. Elin glimt, ik houd het net aan droog.

Een week later staan we bij ons in het dorp, de eerste keer dat we hier een kijkje gaan nemen. Want, als zij het zo geweldig vindt, dan gaan we gewoon weer. “Elineeee!” roept de Sint, terwijl hij uit de rode Amerikaanse slee stapt; ‘ben je er alweer?’ Ja Sint, we zullen er staan tot het moment dat ze zelf niet meer wil. Al is ze 59 jaar.

 

2 reacties

Laat een reactie achter

Alle velden zijn verplicht; het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Archief