Je bent er nog
Marise
12 oktober 2020

Je bent er nog

Deze week is het vijf jaar geleden dat ik samen met mijn zoontje om zijn leven vocht. Het is het ingrijpendste wat ik heb meegemaakt. Lang kon ik er niet over praten, het was traumatisch voor me. Door er over te schrijven en door EMDR therapie kon ik het verwerken. Ik keek vanmorgen terug naar wat ik toen, 10 maanden na het incident, schreef. In gedachten geef ik ‘de Marise van toen’ een dikke knuffel en wil ik haar vertellen dat het beter wordt…

Tien maanden heb ik in shock rondgelopen, besefte ik vanmorgen. Tranen die maar niet kwamen, kwamen nu opeens, na een simpel liedje wat ik hoorde. De vijf minuten die wel eeuwen leken te duren, trokken weer aan me voorbij. De minuten waarin Feije stikte, bijna stikte. Ik heb er afgelopen jaar niet echt over kunnen praten. Ja over de feiten: 3-4 minuten kon hij niet ademen, hij was blauw (of eigenlijk grijs), taai slijm zat vast aan de neussonde, beademd, uitgezogen, op zijn rug geslagen, het kwam goed. Maar over hoe het voor mij voelde, daarover kon ik niet praten. Misschien als je diep in mijn ogen keek, dan kon je de pijn zien die ik met me meedroeg. Maar praten erover, dat lukte me niet. Want ik moest door. Door, want mijn kind had nog steeds heel veel zorgen.

Mijn vertrouwen kwijt
Door ‘het stikincident’ heb ik mijn vertrouwen verloren. Mijn vertrouwen in de artsen. Als ik niet op mijn strepen had gestaan, hadden we geen reanimatiecursus gekregen. Hoe zou het met Feije afgelopen zijn als ik niet voet bij stuk had gehouden…? Ik vertrouwde alleen nog maar mezelf. En misschien dát zelfs niet. Zodra er weer iets spannends gebeurde, raasde de adrenaline net zo hard door mijn aderen als die bewuste avond. In de tussentijd raasde het leven door. Nieuwe virussen. Nieuwe eetproblemen. Nieuwe therapieën. Nieuwe uitdagingen. In de tussentijd sleepte ik die ene avond als een loodzware last met me mee. Tijd om er bij stil te staan, tijd om te verwerken, was er niet.

Hij vocht met me mee
Sinds kort heb ik een heel team om me heen met zorgverleners die me helpen met de zorg. Godzijdank. Tijd voor verwerking. Het idee dat je je kind kwijtraakt, het was niet de eerste keer dat ik dat voelde. Maar deze bewuste avond stond ik echt letterlijk met mijn kind te vechten voor zijn leven. Voor lucht. Het duurde lang, te lang. Gelukkig bleef hij bij bewustzijn. Met wijd opengesperde ogen keek hij me aan. ‘Mama help me’, leken zijn ogen te zeggen. Het gaf me de moed om door te gaan. Feije vocht net zo hard met me mee. In de verte hoorde ik de sirenes aankomen. Nooit heb ik beseft dat het geluid van ambulances zo hoopgevend kon zijn. Het moment dat hij uit volle borst begon te huilen toen hij weer lucht kreeg, dat was het fijnste geluid dat ik ooit gehoord heb.

Het besef: hij is er nog
Vanochtend werd ik me er pas bewust van dat ik al die tijd in shock heb rondgelopen. Het gevoel dat ik hem misschien ging verliezen, dat was ik niet kwijtgeraakt. Vanmorgen realiseerde ik me: hij is er nog. Hij is er. Ik wist het wel, maar ergens ook weer niet. Dat andere gevoel was er ook nog. Nu kwam het echt binnen. Arm kind, hij wist niet wat hem vanmorgen overkwam met alle knuffels die hij van me kreeg!

Ik ben dankbaar. Dankzij alle hulp die ik om me heen heb kunnen verzamelen en dankzij het PGB kom ik toe aan de verwerking van alle traumatische gebeurtenissen. Waarbij ‘het stikincident’ de meeste verlammende is geweest. Ik merk dat ik erg moe ben. En dat ik aan mijn vertrouwen moet werken. Mijn intuïtie heeft me ver gebracht. Het inzicht komt nu, dat die me wel verder brengt.

Tijd om te kunnen verwerken is belangrijk
Verder dringt het tot me door hoe belangrijk het is dat er tijd is voor de verwerking van papa’s en mama’s met zieke kinderen. Er zijn ouders die dingen hebben meegemaakt die nog vele malen heftiger zijn, dan dat wat ik met Feije heb meegemaakt. Dan zijn er nog de papa’s en mama’s die hun kindje wel verloren zijn. Mijn gedachten zij bij hen, want hoe zij dit kunnen dragen, dat kan ik me niet voorstellen. Ik weet alleen dat mensen die echt even naar je luisteren, mensen die niet wegkijken, mensen die je even er mee uit nemen en veel praktische hulp en steun het (iets) dragelijker maken.

Daarnaast kan ik niet vaak genoeg herhalen hoe cruciaal kennis van EHBO en reanimatie is! Als ik hoor dat mensen naar aanleiding van ons verhaal een reanimatiecursus zijn gaan doen, ben ik stil. Stil van dankbaarheid. Want zo’n cursus kan het verschil maken, weet ik uit eigen ervaring. Ik weet dat dit verhaal niet licht is, maar ik hoop een verschil te maken door het te delen. Op welke manier weet ik niet, daar vertrouw ik gewoon op.

 

68 x gelezen
Er zijn geen reacties op dit bericht.

Laat een reactie achter

Alle velden zijn verplicht; het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.