Waarom ik apetrots ben op mijn optimistje van net 6
Vera
22 mei 2015

Waarom ik apetrots ben op mijn optimistje van net 6

Fiene is 6 geworden. Daarom zit ik nu volop in de voorbereidingen van haar kinderfeestje en struin internet af op zoek naar traktatie ideeën. Ik geniet ervan om te zien hoe Fiene alles rondom haar verjaardag beleeft. Ze is zich zo bewust van alles. Geniet van de aandacht en de cadeau’s die ze krijgt. Het is zo belangrijk voor haar. En ook voor mij. Want als iemand een mooie verjaardag verdient, dan is het wel mijn grote, kleine schat!

Ik koop me suf aan Frozen prullaria bij de Action. En sta ruim 4 uur in de keuken om varkens- en prinsessenappelflapjes te bakken. Alles om mijn schatje in de watten te leggen. Ik merk dat ik, sinds Bommel er is, dit soort belangrijke momenten voor Fiene extra bijzonder wil maken. Ik wil dat ze voelt dat ik voor haar net zoveel moeite doe als voor haar zusje. Dat ik er ook voor haar ben en van haar houd. En oké, misschien speelt stiekem mijn schuldgevoel ook een beetje mee.

Schuldgevoel
Ze zit toch maar mooi opgescheept met 2 chronisch vermoeide ouders die het af en toe even niet meer weten. En ook is er een zusje waar ze continu gevraagd wordt rekening mee te houden. Stil dit. Zachtjes dat. Even niet zus. Doe maar niet zo. Kan vandaag niet. Allemaal dingen die Fiene vaker hoort dan me in mijn hart lief is. Ik voel me er schuldig over. Tegelijkertijd is de situatie zo. Dat schuurt en wringt. Ik zou willen dat het anders was. Ik houd er zoveel mogelijk rekening mee. Meer zit er voor nu niet in. Dat blijft echter moeilijk te accepteren. Fiene verdient beter, schiet er wel eens door mijn hoofd.

Optimistje
Ik denk dat ze ergens in haar hart voelt en weet dat zij een ander zusje heeft dan anderen. Ze heeft er pas 1 x naar gevraagd. Op een gewone zondagochtend toen ik Bommel aan het verschonen was. “Mam, is mijn zusje een beetje fout geboren?” Ik snapte uiteraard meteen wat ze bedoelde en vroeg haar wat zij dacht. Ze dacht dat dit wel een beetje zo is. “Waarom denk je dat?” vroeg ik. “Omdat ze vaak naar de dokters en het ziekenhuis moet.” zei ze. Toen ik zei dat dit klopt en dat Bommel goed is zoals ze is, was het gesprek wat haar betreft afgerond en ging ze door met spelen. Sindsdien is het niet meer op deze manier ter sprake gekomen. Wel stelt ze me vaak vragen als: “Mama, als Bommel 3 is kan ze dan wél lopen?”. Ze kan ook niet wachten tot Bommel 3 is en ze echt samen met haar kan spelen. Mijn optimistje!

Trotse grote zus
Als ik zie hoe Fiene zich ontwikkelt als persoon… Ik geniet zo van haar. Ik ben zo trots op haar. Als ze weer eens als Elsa aan het dansen is op ‘Laat het los’ van Frozen dan springen de tranen van geluk in mijn ogen. Ze is een pure, vrije geest. De liefste, meest trotse grote zus die we maar voor Bommel hadden kunnen wensen. Zo zegt ze nog steeds tegen iedereen die het maar horen wil: “Kijk! Mijn zusje is mee!”. Ze reageert verontwaardigd als ze ‘s ochtends Bommel geen goedemorgen kan zeggen. Ze wast uit zichzelf haar handen als ze thuiskomt omdat ze weet dat dit moet voor haar zusje. En ze vergeeft haar zusje verbazingwekkend snel als ze weer eens keihard aan haar haren wordt getrokken of in haar vinger wordt gebeten. Zoals ze zelf zegt: “Het doet wel heel erg zeer, maar Bommel weet nog niet wat ze doet.”. Dat vind ik knap voor een kind van 6. Míjn kind van 6!

Als ik haar van de BSO op kom halen vertelt Fiene enthousiast aan de juf dat ze haar verjaardag gaat vieren. De juf kijkt naar Bommel en vraagt me hoe oud ze ook alweer is. Op mijn antwoord dat ze 2,5 is volgt een kort & ongemakkelijk “oh ja”, opgevolgd door een alles zeggende stilte. Ja, mijn ene kind is 2,5; al ís ze het nog niet. En mijn andere kind is 6. En hoe…!

 

130 x gelezen
Er zijn geen reacties op dit bericht.

Laat een reactie achter

Alle velden zijn verplicht; het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.