Bernie
Annemarie
1 oktober 2019

Bernie

Twee knapen zeulen met een lijk. Ze klemmen hem tussen hen in in de auto, leggen hem met een sigaret tussen de lippen op een strandbed, zetten hem in een hoek van de bank tijdens een feestje. Niemand mag weten dat verzekeringsbaas Bernie dood is. De jongens zijn te gast in zijn strandhuis en straks worden zíj nog verdacht van moord.

Weekend at Bernie’s (1989) was vroeger mijn lievelingsfilm. Hoe vaker ik ’m zag, hoe meliger ik ervan werd. Sinds ik moeder ben van een gehandicapt kind, moet ik er vaak aan denken. Als ik de hand van Job in de lucht steek om namens hem te zwaaien (Job zegt da-haag), als ik zijn hoofd recht op zijn romp duw voor een foto, als ik hem tussen mijn benen klem om te voorkomen dat hij omkukelt. Ik zie de camera op ons gericht. Ik zie Weekend at Bernie’s. Alleen is Job niet dood.

Lijk op wielen
Zondag wandelde ik in het park. Mijn grote kind was in de rolstoel in slaap gevallen. Ik probeerde Jobs mond een beetje dicht te drukken omdat hij er zo overleden uitzag. Tevergeefs. Er zat niets anders op dan de ronde af te maken. Ik floot er een vrolijk deuntje bij om het minder dramatisch te laten lijken. Uit verveling zeeg ik halverwege neer op een bankje. Mijn lijk op wielen parkeerde ik naast me en ik bestudeerde mijn Facebook. Juist op dat moment wandelde een ouder echtpaar langs. De vriendelijke man en vrouw bleven staan. Was dat Job, het jongetje uit de krant? Ze lazen elke week over hem. “De hoofdpersoon is in slaap gevallen”, zei ik snel om elke verdenking uit de weg te gaan. Straks dachten ze nog dat ik hem had vermoord en hier doodleuk kattenfilmpjes zat te liken. Job snurkte luidruchtig, daar was ik hem dankbaar voor.

 

Er zijn geen reacties op dit bericht.

Laat een reactie achter

Alle velden zijn verplicht; het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Archief